Onze vrouw in Azië: Maleisië

“Aziaten interesseren zich niet voor geschiedenis. Ze vinden het alleen interessant als het over henzelf gaat,” vertelt mijn gastvrouw Abby lachend terwijl ze door Kuala Lumpur racet met haar auto, “Ze leven in het heden en kijken liever vooruit.” Haar man, reisgids van beroep, zit naast haar: “Alleen westerlingen stellen geschiedenisvragen. Aziaten willen een goede foto maken en winkelen.” Ik ben duidelijk ingedeeld in de eerste categorie en geïntrigeerd door deze uitspraken aarzel ik dan ook niet om verder te vragen.

Tijdens de twee dagen in Kuala Lumpur wordt ik meegenomen in het wereldbeeld van mijn Chinees-Maleisische vrienden. Maleisië bestaat uit drie bevolkingsgroepen: Malay, Chinezen en Hindoes.  De bevolkingsgroep Malay Maleisiërs (60% van de bevolking) heeft ramadan en doet het overdag rustig aan. Abby, haar man Huyan en hun dochter Larissa nemen ons mee in de wereld van de Chinese groep. De rode draad is eten. Van de fruitkraam tot de nasi lempak in de ochtend: het is een Chinese wereld. De voertaal is Chinees, de mensen zijn Chinees.

We zijn natuurlijk op weg naar de volgende eetgelegenheid. Ondertussen klagen Abby en Larissa flink over de zittende premier Najib Razak. Hij heeft grote sommen geld verduisterd maar voorlopig gebeurt er niets. Ik vraag mijn vriendin Larissa of jongeren in Maleisië politiek actief of geëngageerd zijn. “Vooral bij de oppositie”, zegt ze voorzichtig. Zelf lijkt ze niet direct betrokken. Het heden is wat telt. De situatie in het land lijkt op een peaceful co-existence. Ze heeft wel contact met jongeren uit de andere twee bevolkingsgroepen (Malay en Hindoe), maar veel vertelt ze er niet over.

Vooral de jonge generatie is erg met het heden bezig. Ik vraag Larissa wat ze op school tijdens de geschiedenisles vooral geleerd heeft. “Hoe Maleisië is geworden zoals het nu is.” Het internationale perspectief wordt niet behandeld. De geschiedenis wordt niet zozeer ervaren als een last of een schuld maar eerder als een gegeven. Een gegeven dat je krijgt, een status quo waar je het beste van moet maken voor de toekomst.

Dat wil niet zeggen dat de Maleisische jeugd slechter geïnformeerd is dan de Nederlandse jeugd. Ze kennen de geschiedenis, maar gaan er anders mee om. Dat verklaart misschien ook de grote liefde voor het maken van foto’s. Een lieu de mémoire is een plek bij uitstek voor een zo goed mogelijke selfie. One more.

Deze column verscheen eerder op jongehistorici.nl.

Geef een reactie